Afbeelding
Demonstratie tegen ICE, New York, WikiCommons.
Demonstratie tegen ICE, New York, WikiCommons.
In het kort:
Het crisisgevoel is weer terug, niet alleen in ons land, maar in de wereld als geheel. Het goede nieuws is dat het om een crisis gaat die inmiddels in zijn laatste fase is beland, zijnde die van de hergeboorte.
Uit historisch onderzoek blijkt dat een crisis doorgaans is opgebouwd uit vier fases – de zogenoemde Turnings. Dat zijn expansie, ontwaken, rebellie en eindigt met de wedergeboorte van de samenleving. Samen maken zij onderdeel uit van een pakweg 80-jarige cyclus. Grondleggers van deze theorie, die ontstaan is op basis van de bestudering van 500 jaar historie, zijn twee Amerikaanse wetenschappers, William Strauss en Neil Howe.
De hergeboorte, als afsluiting van zo’n decennialange cyclus, wordt gedragen door communautaire waarden en sterke instituties, terwijl het verval dat daaraan voorafgaat juist overheerst wordt door aanvallen op diezelfde instituties. Dat gebeurt doorgaans vanuit een individualistisch en autonoom perspectief. In de Verenigde Staten is die fase van verval gaande, zo stelde Howe in een in 2023 geactualiseerde versie van het boek.
Het gaat gepaard met polarisatie, ondermeer doordat de winnaars en de verliezers van het heersende regime steeds verder uit elkaar beginnen te lopen. Macro-strategen als Ray Dalio sluiten dan ook niet uit dat deze cyclus kan eindigen in een burgeroorlog of misschien zelfs wel een wereldoorlog.
De visie van de twee Amerikaanse wetenschappers is niet onomstreden. Toch heeft het er alle schijn van dat de Verenigde Staten op dit moment worden geconfronteerd met drie crises. Het is Amerika versus de wereld; Amerika versus zijn burgers en de wereld versus het klimaat. Het is wat men een polycrisis noemt, waarvan de uitslag doorgaans onzeker is. Zeker is dat het met veel turbulentie gepaard gaat.
Het is goed denkbaar dat 2026 voor de Verenigde Staten een jaar van confrontaties zal zijn. Zo stelt de regering-Trump nu al de uitslag van de bijzonder belangrijke tussentijdse verkiezingen van oktober ter discussie. Tegelijkertijd bouwt zich in de Amerikaanse binnensteden het burgerverzet op. Het is niet uit te sluiten dat het land een autocratie wordt, zoals zijn president lijkt te beogen, of dat het de democratie met zijn scheiding der machten blijft, zoals ooit zo hartstochtelijk beschreven is door Alexis de Tocqville in zijn boek De la démocratie en Amérique.
Wetenschappers zien transities als structurele veranderingen die plaatsvinden in termijnen van tientallen jaren. Het zijn geen geleidelijke, maar schoksgewijze veranderingen, die noch te voorspellen, noch te beheersen zijn. Ze kennen een cadans van horten en stoten, zegt Derk Loorbach, hoogleraar transitiekunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
In dit proces staat het zogenaamde ‘regime’ centraal. Dat is de dominante manier van denken, werken en organiseren binnen een maatschappelijk systeem. Zo’n regime is de uitkomst van historische processen. Het regime is de context waar we allemaal onderdeel van zijn. Denk aan het fossiele energieregime, de intensieve landbouw of de medische zorg.
Vaak vormen deze regimes zich gaandeweg als reactie op problemen uit het verleden. Maar het wezen van een regime is dat ze vastlopen, zoals de systeemtheorie laat zien. Dat komt door de herhaling van investeringen, de ontwikkeling van macht, de regelbrij en de routines die ongewijzigd blijven. Gevolg: we kunnen het ons nauwelijks nog voorstellen dat het ook anders kan. Vanuit de innovatietheorie noemt men dat pad-afhankelijkheid of lock-in. Dat betekent dat we zijn vastgelopen op een ingeslagen weg en vooral bezig zijn het bestaande te optimaliseren, stelt Loorbach.
Tegelijk echter verandert de omgeving door een combinatie van vergrijzing, digitalisering, klimaatverandering, geopolitiek etc. Dat verhoogt de druk op partijen binnen zo’n regime om te veranderen. Probleem: de mogelijkheden om verder te optimaliseren nemen af. Gevolg: maatschappelijk vertrouwen erodeert, spanningen lopen op.
Deze ‘destabilisatie’ wordt doorgaans gezien als de voorbode van chaos en disruptie - de zogenoemde tipping points. Tegelijkertijd is er sprake van nieuwe diversiteit en afwijkende meningen. Deze ‘niches’ worden getypeerd door mensen die op zoek gaan naar alternatieven. Doorgaans vindt dat al in een heel vroeg stadium van een cyclus plaats. Voor de dragers van het regime lijkt er dan nog weinig aan de hand te zijn.
Deze voorlevers of doendenkers zoeken naar nieuwe technologieën, nieuw gedrag of nieuw denken. Het begint met experimenten, maar die worden gaandeweg steeds goedkoper, en dus aantrekkelijker. Het zorgt voor een versnelling, ook doordat de maatschappelijke twijfels over het bestaande dominante regime groeien. Daardoor ontstaan een nieuwe markt, die dan ook weer nieuwe partijen aantrekt, aldus Loorbach.
Dergelijke historische transities zijn altijd turbulent en vaak ook omstreden. Vrijwel altijd onderschatten mensen de snelheid en de impact van die veranderingen. De uitkomsten laten zich namelijk niet sturen of controleren, maar zijn het gevolg van allerlei op elkaar inwerkende krachten. Het zijn transities die op hun beurt weer tot nieuwe regimes leiden die weliswaar historische problemen oplossen, maar in zichzelf weer een nieuw probleem voor de toekomst creëren.
Zo zijn we op dit moment vastgelopen in een regime dat gebaseerd is op fossiele brandstoffen, die gepaard gaat met CO2-uitstoot en dientengevolge met een temperatuur op aarde die het hoogst gemeten niveau ooit gehaald in 2025. Als deze lijn wordt doorgetrokken, dan wordt het leven op aarde voor veel mensen onleefbaar. Het heersende regime doet wat het al meer dan een eeuw doet: grondstoffen, als olie, exploiteren. Maar dat narratief is onhoudbaar.
Of, zoals Loorbach stelt, ‘het eenrichtingsverkeer van omzetten van ‘gratis’ bronnen uit de natuur naar iets wat geld oplevert, om vervolgens de negatieve impact weer af te wentelen op de natuur of op andere mensen en plekken, is in zekere zin de basis van onze economie. Sterker nog, het is volledig geworteld en genormaliseerd in ons collectief denken en handelen in de breedste zin.’
In het bedrijfsleven, de financiële wereld en overheden is economische groei nog altijd leidend. We proberen weliswaar de negatieve effecten te beperken, maar economische groei is synoniem geworden voor vooruitgang. Andersom is het niet realiseren van economische groei dus synoniem voor achteruitgang of krimp: geen politicus, econoom.’
Volgens Triodos Bank komen de kantelpunten in de transitie dichterbij. Johan Schot, hoogleraar Transitiekunde aan de Universiteit Utrecht, is wat kritischer. Hij bevestigt dat de kantelpunten voor de energiesector inderdaad dichterbij komen. Maar voor de voedsel- en mobiliteitstransitie ziet hij dat nog niet. Daarentegen ziet hij wel wer potentieel in het feit dat leefstijl aan betekenis wint. ‘Mensen beginnen toenemend te beseffen dat wat ze eten niet goed is en dat de bereidheid toeneemt om daar iets aan te doen. Dat is enorm belangrijk,’ zegt hij in een podcast.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe analyses en opiniestukken, podcasts en boekentips? Schrijf je dan in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief.