Afbeelding

The Alternative Manifesto
/ analyse

‘Wat nodig is, is een holistisch, onderling verbonden plaatje’

Niet alleen in Nederland, ook in andere landen van Europa wordt breed en diepgaand nagedacht hoe de klimaatuitdagingen kunnen worden overwonnen. De Britse krant The Guardian vroeg recent drie aan burgerinitiatieven verbonden kopstukken naar hun ideeën om de problemen te overwinnen. 

In het Verenigd Koninkrijk zullen er parlementsverkiezingen plaatsvinden, zodat van de volgende regering (Conservatieven of Labour) doortastende maatregelen worden gevraagd. De drie deelnemers aan het door The Guardian georganiseerde webinar - getiteld The Alternative Manifesto: Shaping a Green Future werd gevraagd welke ideeën centraal zouden moeten staan in het partijprogramma, ongeacht de partij die aan de macht komt. 

Tessa Khan (rechs boven), een internationale advocaat en campagnevoerder op het gebied van klimaatverandering en mensenrechten, en de oprichter en uitvoerend directeur van Uplift, pleitte voorde  volgende drie aandachtsgebieden: Stop met het vastleggen van nieuwe infrastructuur voor fossiele brandstoffen. ‘We moeten ons ertoe verbinden geen nieuwe kolenmijnen en geen nieuwe gasleidingen aan te leggen. Ons huidige belastingstelsel steunt olie- en gasbedrijven en moet worden hervormd. We moeten ook optimaal gebruik maken van de overvloedige hernieuwbare bronnen die we hebben in het Verenigd Koninkrijk - met name onze offshore windbronnen, die tot de beste in Europa behoren.’ 

‘School beroepsbevolking om’   

Maak een plan voor de omschakeling van de beroepsbevolking en de gemeenschappen die nu afhankelijk zijn van de fossiele brandstofindustrie, zei Kahn. ‘Op dit moment is er geen plan. Deze industrieën gaan al achteruit en er gaan al banen verloren. Deze onbeheerde overgang laat gemeenschappen achter.’

Als derde idee noemde zij het belang om de vraag naar fossiele brandstoffen te verminderen. Het Verenigd Koninkrijk heeft als doel om deze vraag tussen 2023 en 2030 met 15% te reduceren - wat langzamer is dan bij de buurlanden. ‘Duitsland verminderde zijn vraag naar fossiele brandstoffen met 15% in één jaar tijd. ‘Om dit mogelijk te maken, moeten we betere actie ondernemen om de isolatie van huizen te verbeteren, warmtepompen te installeren en de auto-industrie te stimuleren om over te stappen op elektrische auto’s. We moeten ook beter investeren in het openbaar vervoer’, zei Tessa Kahn.

Shaun Spiers (rechts onder), uitvoerend directeur van Green Alliance, een onafhankelijke denktank die samenwerkt met leiders in het bedrijfsleven, NGO’s en de politiek om politieke actie te versnellen en transformatief beleid te creëren voor een groener Verenigd Koninkrijk, gaf drie ideeën die vooral gericht zijn op bescherming van de natuurlijke omgeving. 

‘Geen behoefte aan nieuwe doelen’ 

Hij zei: ‘We moeten onze huidige doelstellingen halen. Een op de zes (dier)soorten in het Verenigd Koninkrijk wordt met uitsterven bedreigd en we hebben ernstige problemen met watervervuiling. We hebben een aantal stevige doelen om de achteruitgang van soorten een halt toe te roepen en 30% van ons land te beschermen tegen 2030, maar we halen ze niet. We hebben geen behoefte aan nieuwe doelen, maar aan de verwezenlijking van bestaande doelen.’ 

Verder zei hij: ‘Onze landbouwindustrie moet worden hervormd. Er is meer watervervuiling afkomstig van de landbouw dan van riolering. Maar boeren hebben onze hulp nodig, en dat betekent extra financiering en investeringen. We hebben hoop nodig. Zeggen dat we niet beter kunnen en dat onze regering geen geld heeft om te investeren, is niet goed genoeg.’ Green Alliance heeft ook een eigen manifest voor de regering opgesteld.

Tot slot kwam Chaitanya Kumar (links onder) aan het woord. Hij is hoofd milieu en groene transitie bij de New Economics Foundation, en leidt het werk van NEF aan de Green New Deal en andere milieuprogramma’s.

Kumar: ‘We hebben een nationale energiegarantie nodig. De energiecrisis heeft kwetsbaarheden in het Verenigd Koninkrijk blootgelegd - we zijn niet bestand tegen internationale prijsschokken. Huishoudens met lagere en middeninkomens hebben zwaar geleden. De manier waarop we energieverbruik beprijzen, maakt geen onderscheid tussen essentiële en luxe consumptie. 

Dilemma: “To eat or to heat”

“Cees”

Een nationale energiegarantie zou ervoor zorgen dat elk huishouden, ongeacht de middelen, recht heeft op een minimaal basisniveau van energie, tegen een zeer laag tarief, gesubsidieerd of zelfs gratis. Naarmate huishoudens meer verbruiken boven die drempel, zouden ze meer betalen. Dit zou veel huishoudens honderden ponden kunnen besparen. Het zou ook een stimulans zijn voor rijkere huishoudens om hun energieverbruik te verminderen.’

Hij pleitte ervoor dat er wordt geïnvesteerd in onze openbare diensten: zoals scholen, gezondheidszorg, infrastructuur. Daarbovenop moet een groene economie worden opgebouwd. Hoogwaardige openbare diensten zijn gekoppeld aan een lagere energiebehoefte, stelt Kumar.

‘We moeten het eigendom van onze energieproductie hervormen. Er liggen enorme kansen voor kleinschalige energiedistributeurs in het hele land. Ondersteuning van lokaal eigendom zou helpen bij het creëren van lokale toeleveringsketens, banen en het ontsluiten van een grotere waarde.’

Damian Carrington, journalist en moderator van het evenement, verwees naar The Great Carbon Divide, die grote verschillen tussen de Co2-uitstoot naar inkomensklasse. Zo moeten veel mensen in de lagere sociale klassen een dagelijkse keuze maken tussen “To eat are to heat”, zei één van de sprekers. 

Gedeelde visie op groene economie 

Eén van de deelnemers die zich voor de discussie had ingeschreven, een persoon met de voornaam Catherine, merkte terecht op: ‘Volgens mij is de grootste uitdaging waar we als gemeenschap voor staan het creëren van consensus over een gedeelde visie op een “groene economie”. Zonder een duidelijke visie lopen we het risico diffuse maatregelen in stand te houden die niet gelijk staan aan een holistisch, onderling verbonden plaatje. Mensen moeten geinspireerd worden en zich achter een aantal gedeelde coherente klimaat- en milieudoelstellingen stellen, die zich vervolgens vertalen in een optimistische visie.’