Afbeelding

Het oude beursgebouw, Amsterdam, 1670

Het oude beursgebouw, Amsterdam, 1670. Bron: Job Adriaensz. Berckheyde/ Boymans van Beuningen. 

/ analyse

Van aandeelhouders- terug naar stakeholderskapitalisme

Het bedrijfsleven staat onder toenemende druk van de maatschappij. Er wordt verwacht dat het personeel een fatsoenlijk loon wordt betaald en dat het zorgzaam zal zijn voor het milieu. Tegelijkertijd moeten de bedrijven ook winst maken om aan de aandeelhouders tevreden te houden. 

De verantwoordelijkheid die ondernemingen door de samenleving worden toegedicht lopen op en de protesten en spanningen nemen toe. Denk aan recente voorbeelden, zoals rondom Tata Steel en Chemours en de recordwinsten van supermarktketens waar veel kritiek op was. Bij al deze incidenten wordt met de gheven vinger gewezen naar de bedrijfscultuur binnen deze bedrijven. 

In januari stond het Sustainable Finance Lab onder voorzitterschap van Jeroen Smit stil bij de vraag of het mogelijk is de bedrijfscultuur zo in te richten dat bedrijven álle belangen op een evenwichtig wijze behartigen: van aandeelhouder tot de bredere samenleving? Hoe ziet een dergelijk nieuw contract tussen samenleving en onderneming er dan uit? 

Dat was het thema dat SFL, samen met Nyenrode Corporate Governance Institute en Impact Economy Foundation, aan de orde stelde op een bijeenkomst in Utrecht. 

Hoogleraar Rutger Claassen trapte af met een bespreking over de (historische) rol van corporate governance. Hij zei dat sinds de jaren ’90 de nadruk is komen te liggen op de rol van de aandeelhouder. Daardoor is er steeds meer sprake van een kortetermijnkoers, gericht op winst. Dat gaat dan vaak ten koste van de andere stakeholders van het bedrijf – werknemers, samenleving, milieu of toekomstige generaties. Zo neemt het vermogen van aandeelhouders snel toe. Vooral de top 1% in de wereld wordt daar wijzer van. Bovendien gaat het met machtsconcentratie gepaard.

In het huidig dominante aandeelhouderskapitalisme heeft de aandeelhouder zowel zeggenschaps- als winstrecht. De aandeelhouder heeft recht op de winst, maar is door beperkte aansprakelijkheid niet aansprakelijk voor de schulden van de onderneming. En dat heeft als voordeel dat er risicobereidheid en een grote prikkel tot innoveren is. 

Bekijk hier de opname van de discussie-avond 

Tegelijkertijd zorgt die beperkte aansprakelijkheid ervoor dat risico’s en maatschappelijke kosten worden afgewenteld. Die verhouding is inmiddels zo ver uit balans dat het belangrijk is om te zoeken naar modellen waarin de belangen van de overige stakeholders beter behartigd worden. 

Stakeholderkapitalisme 

Die doelstelling realiseren, kan op tal van manieren, van radicaal tot minder radicaal. De kern van al die ideeën is dat een bredere groep stakeholders vertegenwoordigd wordt in het bedrijfsbestuur. Volgende mogelijkheden zijn er in dat verband: 

1 - De revolutie van de aandeelhouder, waarbij de aandeelhouder zich als representant van de bredere samenleving opstelt. 

2 - Het belang van stakeholders meer in het hoofd van de bestuurder brengen, bijvoorbeeld via nieuwe wetgeving of de corporate governance code

3 - Daadwerkelijk zeggenschap geven aan stakeholders, bijvoorbeeld via de maatschappelijke raad, waartoe Nicolette Loonen een oproep deed. 

Vormen van vertegenwoordiging in bedrijfsleven

Een stap verder is om stakeholders niet alleen zeggenschaps- maar ook winstrecht te geven. Er zijn bedrijven die bewust kiezen voor een dergelijk steward ownership, zoals Gijsbert Koren liet zien. In Denemarken bijvoorbeeld hebben relatief veel grote bedrijven zo’n model. Een voorbeeld is Karlsberg.   

Maar: de praktijk is weerbarstig 

Alle goede initiatieven ten spijt, er klonk ook kritiek. Jan Ernst de Groot (Ahold Delhaize) benadrukte in de discussie de grillige realiteit van de beurs: aandelen wisselen snel van hand van hand. Ook zag hij een ander sentiment in de Angelsaksische markt. Voor grote beursfondsen is het uiteindelijk de wettelijke basis die telt. Hij was dan ook kritisch op nog meer vrijblijvende initiatieven en benadrukte het belang van mandatering. 

Bestuurder Anne Gram ziet dat pensioenfondsen hun fiduciaire verplichtingen inmiddels veel breder opvatten dan enkel pensioenrendement in de financiële zin maken. Die stellen zich vaker op als universal owner, maar snel genoeg gaat het nog niet. Hoogleraar Claassen riep banken en pensioenfondsen op veel actiever te sturen op governance in hun rol als aandeelhouder. 

Nood breekt wet 

Naast de genoemde initiatieven werd ook het uitbouwen van de stichting continuïteit als vruchtbaar idee geopperd. Zo’n stichting heeft elk groot bedrijf en heeft als enig doel het bedrijf te beschermen tegen een mogelijk vijandige overname. Kan het mandaat worden uitgebreid om ook duurzaamheid te waarborgen? Triodos voorzitter Jeroen Rijpkema dacht van wel . Zo heeft Triodos de Stichting Administratiekantoor Aandelen Triodos Bank (SAAT) al in huis.  

Uit de zaal klonken opmerkingen die zich bewogen tussen radicaal en pragmatisch. Hoop was er over de de recent door de Europese Unie ingevoerde rapportageverplichting (CSRD) voor grote bedrijven. Maar er waren ook radicalere oproepen om het eigendomsrecht te wijzigen, zoals dat ooit was neergelegd in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Consensus werd gevonden in de opvatting dat de zeggenschapsmacht van de aandeelhouder moet worden ingeperkt. Daarmee wordt het doel van een versnelde duurzaamheidstransitie gediend. 

SFL-oprichter Herman Wijffels sloot de avond af. Hij zei: we moeten ons opmaken voor een exodus uit de industriële maatschappij. Het financieel kapitaal moet menselijk en natuurlijk kapitaal gaan dienen. Het ongeduld klinkt door: alles is al gezegd en alles is al bedacht, maar nu is de tijd van doen.