Afbeelding
Skyline. Foto: Chris Czermak, Substack.
Skyline. Foto: Chris Czermak, Substack.
Maar liefst 150 landen in de wereld hebben een rapport ondertekend waarin de huidige definitie van economisch succes wordt bekritiseerd. Ondertekenaars waren ondermeer de EU, China en India. De VS was er niet bij betrokken.
Volgens het Intergouvernementeel Platform voor Biodiversiteit en Ecosysteemdiensten (IPBES) wordt een achtste van de naar schatting 8 miljoen plant- en diersoorten in de wereld met uitsterven bedreigd. Dat is vooral te wijten aan een focus op ongebreidelde economische groei.
‘Niet-duurzame economische activiteit en een focus op groei, gemeten aan de hand van het bruto binnenlands product, zijn een drijvende kracht achter de achteruitgang van de biodiversiteit en staan transformatieve verandering in de weg’, zo valt te lezen in het rapport van IPBES. Deze studie is goedgekeurd door regeringsvertegenwoordigers tijdens de IPBES-top die begin februari in Manchester werd afgesloten.
Ongeveer 75 procent van het landoppervlak van de aarde is al aanzienlijk veranderd door menselijk handelen. Als die koers niet verandert, komt de toekomstige welvaart in gevaar, aldus de opstellers van het rapport.
Eén van de uitdagingen daarbij is dat markten er niet in slagen om biodiversiteit, zoals het filteren van verontreinigende stoffen, klimaatregulering en bestuiving, adequaat te prijzen en/of te waarderen. Het risico van uitsterving bedreigt niet alleen dieren en planten, maar ook de eigen soort, stelt één van de covoorzitters in een verklaring.
Kritisch is men vooral over de “ontoereikende of perverse” zakelijke prikkels, maar ook een “institutioneel klimaat met onvoldoende ondersteuning, handhaving en naleving” en bedrijfsmodellen die leiden tot “steeds toenemende materiaalconsumptie”.
Hoewel het rapport de maatregelen benadrukt die bedrijven kunnen nemen, erkent het dat de industrie het verlies aan biodiversiteit niet alleen kan stoppen en omkeren en wijst het op het belang van beleid, wettelijke en regelgevende kaders, samen met capaciteit en kennis.
Terwijl het rapport verscheen, zette de Europese Unie haar dereguleringsagenda voort die gericht is op het stimuleren van het concurrentievermogen van de blok door de milieunormen te versoepelen. IPBES-voorzitter David Obura zei tegenover het op de Europese Unie gerichte mediaplatform Politico dat de wetenschap aantoont “dat we voor het oplossen van komende crises betere beslissingen nodig hebben die op bewijzen zijn gebaseerd”.
Volgens Oburo moet het bewijs dat uit onze beoordelingen komt vooral “onder de aandacht van beleidsmakers worden gebracht, zodat zij er gebruik van kunnen maken, en ik hoop dat ze dat ook zullen doen”.
De Verenigde Staten behoorden niet tot de ondertekenaars van het rapport. Het vindt IPBES, net als veel andere internationale organisaties (zoals van de Verenigde Naties) “verspillend, ineffectief en schadelijk”.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe analyses en opiniestukken, podcasts en boekentips? Schrijf je dan in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief.